Actueel

Actueel

[12-8-2022] Directeur aan de kant gezet

In februari start een nieuwe algemeen directeur bij een museum. De zittende commercieel directeur, dan ongeveer vier jaar in functie, ervaart een moeizame samenwerking, die er na enkele gesprekken toe leidt dat hij een voorstel ontvangt om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. De kantonrechter wijst de ontbinding toe zonder toekenning van een billijke vergoeding. Een beroepsprocedure bij het gerechtshof volgt. †

Ontbinding
Uit notulen, emailverkeer en de verklaringen op de zitting krijgt het gerechtshof de overtuiging dat de verhouding tussen de directeuren inderdaad ernstig en duurzaam is verstoord. De oorzaak ligt enerzijds in een verschil van inzicht over de commerciŽle koers van het museum, en anderzijds in een verstoorde communicatie. Gezien de functie van commercieel directeur, en mede MT-lid, leidt een verstoorde samenwerking met de algemeen directeur al gauw tot de conclusie dat voortzetting van de samenwerking niet mogelijk is. De kantonrechter heeft dan ook terecht geconcludeerd tot ontbinding.

Billijke vergoeding
Het gerechtshof vindt dat het museum ernstig verwijtbaar heeft gehandeld ten aanzien van het ontstaan van de verstoorde verhouding. Niet alleen de algemeen directeur, maar ook de voorzitter van de raad van toezicht treft het verwijt dat zij, wetende dat er problemen waren in de samenwerking tussen de algemeen en de commercieel directeur geen serieuze poging hebben ondernomen, eventueel met inzet van een mediator, om tot verbetering van de samenwerking te komen. Het museum heeft overhaast gehandeld door ineens het vertrouwen in de commercieel directeur op te zeggen, waardoor een definitieve breuk uiteindelijk onvermijdelijk was.

Aan het verstoord raken van de arbeidsverhouding liggen meer oorzaken ten grondslag dan alleen het verwijtbaar handelen van het museum. Zo bestonden er duidelijke verschillen van inzicht over inhoudelijke onderwerpen, en heeft ook de commercieel directeur zich verwijtbaar opgesteld door ondermijnend te communiceren over de algemeen directeur. Het gerechtshof acht een billijke vergoeding van Ä 60.000,-- bruto redelijk.

Let op: De werkgever heeft in dit geval geen serieuze pogingen gedaan om de samenwerking tussen de directeuren te verbeteren. Voor het gerechtshof vormt dit de directe aanleiding om een billijke vergoeding toe te kennen.†

[12-8-2022] Sanering bedrijf en Belastingdienst

De coronacrisis heeft aanzienlijke en uitzonderlijke gevolgen gehad voor Nederlandse ondernemers. De Belastingdienst voert daarom een ruimhartig uitstelbeleid. Bovendien zal de Belastingdienst in minnelijke saneringsakkoorden tijdelijk genoegen nemen met een lager uitkeringspercentage. Hiermee wordt de totstandkoming van minnelijke saneringsakkoorden bevorderd.

Tijdelijke tegemoetkoming nasleep coronacrisis
De Belastingdienst neemt in de periode van 1†augustus 2022 tot 1†oktober 2023 in minnelijke saneringsakkoorden genoegen met een lager uitkeringspercentage.

Het betreft een tijdelijke tegemoetkoming die in de eerste plaats is bedoeld om in de kern gezonde ondernemingen met een problematische schuldenlast extra te ondersteunen in de nasleep van de coronacrisis. Daarnaast wil het kabinet voorkomen dat in de kern gezonde ondernemingen die steun hebben genoten, nu alsnog failliet gaan, waardoor de verleende steun in feite verloren zou gaan.

De Belastingdienst neemt tijdelijk genoegen met ten minste hetzelfde uitkeringspercentage als hetgeen aan concurrente crediteuren op hun vordering wordt aangeboden in minnelijke saneringstrajecten. Dit vergroot de overlevingskansen van in de kern gezonde ondernemingen en biedt de ondernemer perspectief. Het tijdelijke karakter van de maatregel brengt de directe relatie met de coronacrisis tot uitdrukking. De maatregel is alleen van toepassing op minnelijke saneringstrajecten waarbij de onderneming wordt voortgezet.†

De maatregel is ook van toepassing in situaties waarin de ontvanger al had ingestemd met een akkoord, maar het akkoord desondanks toch aan de rechtbank wordt voorgelegd met het verzoek het akkoord aan de gezamenlijke schuldeisers op te leggen, respectievelijk het akkoord te homologeren.

NOW- en TVL-schulden
NOW- en TVL-terugvorderingen komen voort uit de gehanteerde voorschotsystematiek die noodzakelijk was om ondernemers snel van steun te voorzien ten tijde van de coronapandemie. Deze terugvorderingen zijn voor ondernemers daarom lang niet altijd te voorkomen of het gevolg van verwijtbaar handelen. Omdat de NOW en TVL subsidies zijn, gelden er strengere regels ten aanzien van kwijtschelding. Het zou wrang zijn als een door corona gedupeerde ondernemer, die aan alle overige voorwaarden voldoet en in de kern financieel gezond is, alleen vanwege een NOW- en/of TVL-schuld niet in aanmerking zou kunnen komen voor sanering van zijn schulden, inclusief de belastingschuld.

Om dit te voorkomen, is nu geregeld dat de Belastingdienst toch akkoord kan gaan met een saneringsakkoord als een of meer publieke schuldeisers, die een vordering hebben die vanwege Europese Staatssteunregels niet mag worden kwijtgescholden, niet meedoen aan het saneringsakkoord. Dit geldt echter niet als de vordering vanwege het verwijtbaar handelen of nalaten van de belastingschuldige is ontstaan of onbetaald gebleven.

Let op: De regeling bij NOW-en TVL-schulden is niet tijdelijk. Het is namelijk niet te voorzien hoe lang er nog ondernemers zullen zijn met NOW- en TVL-schulden.