Actueel

Actueel

[6-5-2022] Werknemer op non-actief, leaseauto inleveren?

Een werknemer heeft een contract voor bepaalde tijd met een leaseauto voor zakelijk en privé gebruik. Op de mededeling dat het contract niet wordt verlengd, reageert de werknemer zeer fel. Hij wordt per direct op non-actief gesteld en moet zijn leaseauto inleveren. Bij de rechter claimt hij de kosten van vervangend vervoer tot de einddatum van de arbeidsovereenkomst.

Privégebruik verstrekte bedrijfsauto looncomponent
De kantonrechter stelt vast dat bij de arbeidsovereenkomst geen nadere voorwaarden zijn gesteld aan de verstrekking van de leaseauto, ook geen verplichting om de bedrijfsauto gedurende niet tewerkstelling in te leveren. De verstrekking van de bedrijfsauto behoort daarmee tot de arbeidsvoorwaarden en het privégebruik is een looncomponent.

Non-actief, wel recht op loon
Volgens de wet behoudt de werknemer het recht op loon indien hij de overeengekomen arbeid niet heeft verricht door een oorzaak die in redelijkheid voor rekening van de werkgever behoort te komen. Een schorsing of een op non-actiefstelling ligt in de risicosfeer van de werkgever, zodat de werkgever ook tijdens een schorsing of een op non-actiefstelling verplicht is tot doorbetaling van loon. Daarom mocht de werkgever niet van de werknemer eisen dat deze de bedrijfsauto inleverde.

De rechter wijst de vergoeding voor het privégebruik van de bedrijfsauto toe, vermeerderd met de wettelijke verhoging van 50%.

Bepaling vergoeding privégebruik
De waarde van het privégebruik van een bedrijfsauto wordt tot uitdrukking gebracht in een bijtelling op het brutoloon, waarover loonbelasting wordt betaald. De rechter gaat uit van deze bijtelling.

Let op: Een schorsing van een werknemer ligt in de risicosfeer van de werkgever. In beginsel moeten alle looncomponenten worden doorbetaald of vergoed totdat de arbeidsovereenkomst eindigt. Het recht op privégebruik van een leaseauto is zo’n looncomponent.

[6-5-2022] Eten op locatie aftrekbaar voor zelfstandige?

Een consultant doet opdrachten buiten zijn woonplaats die enkele maanden in beslag nemen. Hij overnacht door de week in de buurt van de locatie van de opdracht. De verblijfkosten zijn aftrekbaar. Maar eten en drinken doet hij daar uiteraard ook. De kosten daarvan wenst hij als zakelijk kosten in aftrek te brengen. De Belastingdienst corrigeert dat. Hoe oordeelt de rechter?

Standpunt ondernemer
De consultant stelt dat de eigen verteerkosten in het geval van tijdelijk verblijf elders waarbij een studio dan wel een kamer wordt gehuurd, ondernemingskosten zijn omdat de kosten zijn ingegeven door zakelijke motieven. Bovendien zijn dergelijke kosten die een werkgever voor een werknemer betaalt gewoon aftrekbaar en door de werkkostenregeling onbelast bij de werknemer.

Oordeel rechter
De verblijfskosten worden opgeroepen door het verrichten van werkzaamheden of het uitvoeren van een opdracht elders. Daarom berusten deze op zakelijke overwegingen. Maar dit geldt niet voor de tijdens zijn verblijf gemaakte eigen verteerkosten omdat deze kosten vanwege de noodzaak om te eten en te drinken een overheersend privékarakter hebben. Het maakt daarbij, gelet op deze noodzaak, geen verschil of de ondernemer de maaltijd elders gebruikt vanwege zijn verblijf aldaar of dat hij de maaltijd thuis gebruikt.

Ook de omstandigheid dat de eigen verteerkosten tijdens zijn verblijf elders hoger zijn dan wanneer hij thuis de maaltijd nuttigt, leidt er niet toe dat de kosten (deels) in aftrek van de winst kunnen worden gebracht. De keuze van belanghebbende om uitgaven te doen voor ontbijt, lunch of diner buiten de deur en deze maaltijden niet zelf klaar te maken is een keuze om zijn leven op een bepaalde wijze in te richten. Deze keuze berust op overwegend persoonlijke motieven die eveneens gelden wanneer hij thuis dergelijke uitgaven zou doen.

Ondernemers en werknemers verkeren ten aanzien van het in aftrek brengen van kosten en het al dan niet onbelast ontvangen en verstrekken van vergoedingen feitelijk en rechtens niet in dezelfde omstandigheden, zodat geen sprake is van gelijke gevallen.

Tip: Als een maaltijd mede het karakter heeft van bijvoorbeeld werkoverleg met collega’s bij een opdracht, kunnen de kosten wel aftrekbaar zijn voor de ondernemer. Hij heeft daarvan dan wel de bewijslast.